‘We ontwikkelen de plannen samen met de markt’

Felix Tjebbes 06-02-2019

De komende jaren gaan steeds meer dijkversterkingen van het HWBP in uitvoering. Grote projecten en kleinere projecten in heel Nederland worden aanbesteed. Juist omdat het tempo omhoog gaat en de projecten steeds complexer worden, moet de samenwerking met marktpartijen zich verdiepen.

Dit stelt directeur Erik Wagener in Cobouw. "We hebben de markt keihard nodig." De waterbouwers in Nederland zijn blij met meer inzicht in de planning van al het werk. 

Wagener, samen met Eric Withaar aangetrokken om het HWBP vanuit de pioniersfase klaar te maken voor de uitvoeringsorganisatie, is stellig: het tempo gaat fors omhoog, van 25 kilometer dijkversterking nu naar minimaal 50 kilometer per jaar vanaf 2020. De komende jaren zijn ruim 700 kilometer primaire waterkering en meer dan 200 kilometer waterkerende kunstwerken als urgent aangemerkt. Waterschappen en Rijkswaterstaat zijn samen verantwoordelijk voor de versterking  daarvan en hoesten ook samen het jaarlijkse budget op van 380 miljoen euro.

Markt als partner
Op de programmering tot 2023 staan 174 projecten, zoals de Grebbedijk, de IJsseldijk, de Emmapolder en Zuid Beveland-West. “Aannemers worden steeds vaker als partner ingezet bij het maken van dijkversterkingsplannen”, aldus Wagener. Hij signaleert een trend dat marktpartijen in steeds vroegere fase aanhaken bij het ontwerpen en realiseren van de dijkversterkingen. Het HWBP vraagt veel van de markt. Ook het EIB signaleert dat ‘de huidige marktconjunctuur op z’n hoogste punt is van de afgelopen 20 jaar. Wagener: “Hierdoor zijn de orderportefeuilles van marktpartijen goed gevuld en zullen zij strategischer inschrijven, en verandert de positie van opdrachtgevers. Hiermee wordt de wederzijdse afhankelijkheid nog groter en is een nog betere samenwerking urgenter.”

Match
Een van de concrete stappen die worden gezet om een zo goed mogelijke match te krijgen tussen vraag en aanbod, is een geïntegreerde inkoopkalender vanuit de waterschappen. Hierop worden ook alle HWBP-projecten inzichtelijk tot en met 2024, naar voorbeeld van de inkoopplanningen van bijvoorbeeld Rijkswaterstaat en het Rijksvastgoedbedrijf. “Op de inkoopplanning HWBP zien marktpartijen en mede-overheden de aanbestedingen voor het HWBP een aantal jaren vooruit. Aannemers willen graag eerder dan de aanbestedingspublicatie weten wanneer welke  projecten op de markt worden gezet, wat de contractvorm en contractgrootte zal zijn. Gecombineerd met de opgave van het specifieke project maken zij hier hun tenderstrategie op”, legt Wagener uit. “Door vroegtijdig bovenstaande informatiebehoeftes rondom ons programma te communiceren met externe partners, zorgen we ervoor dat marktpartijen zich beter kunnen voorbereiden op onze productie opgave, waardoor zij met kwalitatief betere inschrijvingen op onze aanbestedingen zullen komen. Dat resulteert uiteindelijk in een efficiëntere en betere uitvoering van de projecten.”

De Vereniging van Waterbouwers is blij met deze ontwikkeling. “Sterker nog, we pleiten hier al langer voor. Aannemers specialiseren zich steeds meer, en deze inkoopplanning geeft ze een perspectief op de langere termijn. Als een innovatie veel investeringen vraagt om te ontwikkelen, dan heb je met deze kalender ook inzicht in de commerciële toepassingsmogelijkheden. Zijn er meerdere waterschappen met dit probleem? Hoe is het werk verspreid? Zeker in tijdens van personele schaarste handig”, aldus Edwin Lokkerbol, directeur van de Vereniging van Waterbouwers.

Lef een handje helpen
Naast de inzage in de planning is de roep om toepassing van innovaties harder dan ooit. Kennisinstellingen, adviesbureaus en aannemers slaan de handen ineen om nieuwe technieken te ontwikkelen die dijkversterkingen niet alleen goedkoper maken, maar ook beter lokaal inpasbaar. “Vacuümconsolidatie, dijkstabilisatoren en de damwandproef zijn slechts enkele voorbeelden van wat er de laatste jaren is uitgedacht.” Veelbelovend voor het HWBP, nu is het wachten totdat de sector ze gaat toepassen. Wagener: “Dat vraagt iets meer tijd, en misschien ook iets meer lef.” Hij heeft afgelopen maanden intensief gepraat met zowel de waterschappen als de waterbouwers en is tot de conclusie gekomen dat innovatie een duwtje in de rug nodig heeft. “We merken dat de risico’s een grote belemmering zijn voor beheerders om innovaties toe te passen of voor te schrijven. We willen dan ook onderzoeken of er draagvlak is om hier andere afspraken over te maken, waarbij die risico’s op programmaniveau gedragen gaan worden.”

Lokkerbol is het eens dat dit beheerders en marktpartijen net dat extra zetje kan geven. “Daarnaast is voor de markt het lange termijn perspectief erg belangrijk. Kunnen ze innovaties eenmalig toepassen of bij in potentie honderden kilometers dijk? En dat perspectief wordt in het HWBP geboden.”

Innovatie is nu echt een commerciële kans voor marktpartijen, mits daar in contracten de ruimte voor wordt geboden, stelt Lokkerbol. Maar dat ziet hij vol vertrouwen tegemoet, de voorbeelden zijn er nu al legio. Met duurzaamheid echter is nog een langere weg te gaan. “Eind 2020 moeten we 40% CO2 reductie hebben behaald t.o.v. 1990. Dat zijn nog zo’n 500 werkdagen om dit te halen. Hier moeten we samen een antwoord op geven.”